Eikenprocessierups Thaumetopoea processionea

Onderzoek feromoonverwarring eikenprocessievlinders 

Het onderzoek

Paringsverstoring met behulp van feromonen is een beproefde methode om plaaginsecten te beheersen. In Zuid Europa wordt deze methode al jaren toegepast in parken, bossen en openbaargroen om de Dennenprocessierups, Thaumetopoea pityocampa te beheren. Feromonen zijn soort specifieke lokstoffen die vrouwtjes van diverse soorten insecten afscheiden om mannetjes te lokken om bevrucht te raken. In een eerder project (Hellingman onderzoek en advies, 2020-2021) is gebleken dat het met specifieke eikenprocessievlinder feromonen, aangebracht in eikenbomen, mogelijk is om paring van eikenprocessievlinders sterk te beperken of zelfs te voorkomen. Daardoor kunnen de vrouwelijke vlinders minder bevruchte eitjes afzetten. Hierdoor zal de populatie rupsen ter plekke verminderen, neemt de overlast af en hoeven er minder nesten verwijderd te worden of mogelijk zelfs geen preventieve bespuiting uitgevoerd te worden.

Bijzonder aan de methode van paringsverstoring is dat het soort specifieke gevolgen heeft en er geen nadelige neveneffecten op andere dieren, planten of op de volksgezondheid is: de toegepaste feromonen hebben alleen effect op de eikenprocessievlinders.

Werkwijze

De methode paringsverstoring geschiedt met behulp van een seksspecifiek feromoon, een biocide. Het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb) heeft voor producten met feromonen en lokstoffen beleid geformuleerd. Zodra een lokstof gebruikt wordt om de populatie van de plaagdieren of insecten te verkleinen, dan is een toelating als biocide nodig. Voor deze proef heeft het Ctgb proefontheffing verleend. Voor de eikenprocessierups worden de feromonen speciaal voor het project geproduceerd. Het is niet commercieel verkrijgbaar en heeft een andere samenstelling dan de feromonen om de vluchten van de mannetjes van de eikenprocessierups te monitoren.

Paringverstoring
Toepassing met Pherolauncher

De toedieningsmethode uit het project in 2020-2021 bleek effectief, maar te omslachtig en te tijdrovend. In het vervolgonderzoek van 2022-2023 wordt gekeken of het mogelijk is om de feromonen via feromooncapsules aan te brengen door gebruik te maken van de paintball-techniek. Naast de toepassingstechniek zal ook de samenstelling en dosering van de feromoonballetjes onderdeel van het onderzoek zijn. De toepassing van de methode heeft in 2022 plaatsgevonden. Na de inspectie op de aanwezigheid van EPR-nesten in 2023, worden de resultaten eind 2023 bekend gemaakt. In 2023 start ook een nieuw onderzoek die zich vooral richt op de dosering van de feromonen, het effect van de standplaats van de eiken en het effect van herhaling van de toepassing. Eind 2024 worden hiervan de resultaten bekend.

De onderzoekers en uitvoerders in het project hebben geen commerciële belangen in de producten die worden beproefd. Het belang van de onderzoekers en uitvoerders is het testen van de methode feromoonverwarring op de eikenprocessierups om zo tot een methode te komen met minimale milieubelasting. Indien de resultaten positief zijn, dan is het aan commerciële partijen in de markt, niet zijnde de betrokken onderzoekers en uitvoerders, om toelating als biocide aan te vragen en na toelating de producten op de markt te brengen.

Doel

Doel van dit project is:

  • Het verminderen van de populatie eikenprocessierupsen om overlast voor mens en dier tot een minimum te beperken zonder nadelige neveneffecten op mensen, andere dieren, planten of het milieu.
  • Het testen van de inzet van feromoonverwarring voor paringsverstoring van de eikenprocessievlinders. De feromooncapsules worden met behulp van de Pherolauncher (lijkt op een paintball geweer) aangebracht.
  • Het beoordelen van de praktische en financiële haalbaarheid van de feromooncapsule techniek.

Resultaat

De resultaten worden gemeten aan de hand van:

  • Monitoring van EPR-nesten in de bomen, door registratie van het aantal aangetroffen nesten en de nestgrootte tijdens inspecties op de behandel- en referentielocaties. Dit wordt gedaan in het jaar van toepassing en het daaropvolgende jaar.
  • Monitoring van de vlinders met behulp van feromoonvalonderzoek. De vangsten in de vallen betreffen mannetjesvlinders van de eikenprocessierups die worden gelokt door het feromoon in de vallen. Dit geeft een indicatie van de populatie eikenprocessie vlinders.
  • Inspecties op de aanwezigheid van grondnesten. Rupsen in grondnesten kunnen in diapauze verkeren en op een ander moment dan de rupsen in de bomen, hun ontwikkelingscyclus afmaken. Rupsen uit grondnesten kunnen zo de impact van de aangebrachte feromonen missen, waardoor er bij een deel van de aanwezige populatie eikenprocessievlinders geen gehele paringsverstoring optreedt.
  • Tevens worden eikenprocessierupsen uit grondnesten en boomnesten en vlinders verzameld ten behoeve van DNA-analyse. Doel hiervan is vast te stellen of er sprake is van een sub soort eikenprocessierups in Nederland (Thaumetopoea processionea pseudo solitaria).

De resultaten worden aan de deelnemende provincies en gemeenten gepresenteerd. Door middel van artikelen en publicaties zullen de resultaten naar buiten worden gebracht.

Samenwerkende partijen

Het onderzoek naar feromoonverwarring is geïnitieerd door Hellingman onderzoek en advies B.V. in samenwerking met professor Teun Dekker van de Swedish University of Agricultural Sciences en BioInnovate die al jaren aan de feromoonverwarringstechniek werkt binnen uiteenlopende gewassen. Vanwege de hoopvolle resultaten van het feromoon verwarring onderzoek in 2020 en 2021 is besloten om op grotere schaal het onderzoek voort te zetten.

Vanwege de expertise op het gebied van eikenprocessierups en het beschikbare netwerk is Terra Nostra aangesloten bij het project ten behoeve van de wetenschappelijke ondersteuning en ondersteuning in de praktische uitvoering. Het vervolgproject feromoonverwarring 2022-2023 is door vele gemeentes en provincies omarmd en gefinancierd, waardoor een uitgebreid onderzoek gedurende twee jaar op 10 locaties zal plaatsvinden. Het onderzoek vormt tevens het Master afstudeer onderzoek van een student van de afdeling Plant Protection Biology, Entomology and Evolutionary Biology aan de Swedish University of Agricultural Sciences.

Deelnemende provincies en gemeentes

  • Provincie Drenthe
  • Provincie Friesland
  • Provincie Gelderland
  • Provincie Overijssel
  • Provincie Utrecht
  • Gemeente Almere
  • Gemeente Amsterdam
  • Gemeente Apeldoorn
  • Gemeente Arnhem
  • Gemeente Bergeijk
  • Gemeente Coevorden
  • Gemeente Den Haag
  • Gemeente Deventer
  • Gemeente Ede
  • Gemeente Emmen
  • Gemeente Fryske Marren
  • Gemeente Gennep
  • Gemeente Hengelo
  • Gemeente Leeuwarden
  • Gemeente Ooststellingwerf
  • Gemeente Rheden
  • Gemeente Rotterdam
  • Gemeente Staphorst
  • Gemeente Utrecht
  • Gemeente Weststellingwerf

Cookie melding OK Toestaan Weigeren Lees voor meer informatie onze privacyverklaring privacy Cookie instellingen Dit veld is niet ingevuld De ingevulde tekst is te kort De ingevulde tekst is te lang